- auteur - Ödön Von Horvàth
- vert., bew. & regie - Marnix Verduyn
- opvoeringen - maart 2005
- genre - volksverhaal
Niets is zo eeuwig als de domheid...
Horvàths in 1931 opgevoerde "volksstuk" "Geschichten aus dem Wiener Wald/
Verhalen uit het Weense woud" schildert op indringende wijze een tot op vandaag
bestaande kleinburgerij met haar banale lasten en verzuchtingen.
In een "Stille straat in de 8ste wijk" van Wenen speelt het noodlot met
Marianne, dochter van een speelgoedhandelaar en verloofde van de onbehouwen
slager Oskar, een tragikomisch spel. Een onverwachte liefdesaffaire met de
gigolo Alfred schijnt een ogenblik geluk te brengen in haar banale leven.
Ze gaan samenwonen, krijgen een kind maar kunnen amper overleven in de
economische crisis van die dagen. Alfred door de edele Marianne afgesneden
van zijn duistere gokspelen en andere onfrisse praktijken, wijt deze ellende
dan ook aan haar "koppigheid" en "stompzinnigheid". Hij laat haar in de steek.
Na een pijnlijke Odyssee die Marianne naar de sociale ondergang voert van
karakterdansen, straatprostitutie en gevangenis, eindigt deze waar hij
begonnen was: in een "Stille straat in de 8ste wijk". Marianne is door het
leven getekend en voor altijd gestigmatiseerd.
Een liefdesgeschiedenis die langzaam van de hemel naar de hel voert...
Hemel en hel liggen op deze wereld immers niet zover uit elkaar. En soms
verwart men zelfs deze twee begrippen. En deze verwarring wordt veroorzaakt
door een wereld vol domheid, xenofobie, vooringenomenheid en kortzichtigheid,
kortom kleinburgerlijkheid. En als een mens zoals Marianne in de draaikolk
van deze kleinburgerlijkheid terecht komt, Marianne, een mens vol eerlijke
bedoelingen, een mens met een authentieke ziel, een mens die geen opportunist
is, maar waarachtig, ja, dan is er enkel een neerwaartse spiraal die diep
naar de hel voert.
Marnix Verduyn
|
|